vrijdag 31 oktober 2014

Recensie "De getrouwde monnik"

Nadat ik twee weken geleden hier een mooie recensie heb geplaatst van “Koopman in de Gouden Eeuw” kan ik natuurlijk niet achterblijven met “De getrouwde monnik”. Hieronder de beoordeling van Mieke Schepens. Meer boekrecensies van deze inmiddels bekende recensente zijn te vinden op www.miekeschepens.nl

Een proloog die maakte dat ik bij het lezen dacht dat ik met een heel vervelende hoofdpersoon te maken zou krijgen. Niets bleek minder waar te zijn. Hartverwarmend en nieuwsgierig is deze Norbert. Het is duidelijk dat de auteur zeer gedegen te werk is gegaan om informatie uit de middeleeuwen te verzamelen om op deze manier een geloofwaardig boek neer te zetten. Nadat je dit boek gelezen hebt, kun je met zekerheid zeggen dat je een heleboel hebt bijgeleerd over de middeleeuwen.
De auteur weet je meteen mee op reis te nemen naar deze tijd. Na nog maar een paar bladzijden gelezen te hebben, kijk je verbaasd rond in deze periode terwijl je veel herkenbare dingen tegenkomt. Zowel in de mensen als in de dingen die gebeuren, toen en ook nu. De dubbele moraal die je vaak tegenkomt in de kerk en in de politiek. Je leest over afgunst, zelfgenoegzaamheid, vooroordelen, winstbejag. Maar ook over liefde, vertrouwen in elkaars kunnen, vertrouwen op elkaars hulp en kennis delen met elkaar.
Geloof en bijgeloof is van alle tijden. Godsdienst is zeker aanwezig, maar het heeft een doel in het verhaal.
Een boek, onderverdeeld in niet te lange hoofdstukken. Steeds kom je nieuwe verhalen tegen in het boek, die er op een goede manier in beschreven zijn. Je leert de hoofdpersonen kennen en waarderen. Het boek geeft goed weer hoe onze maatschappij zoals hij nu is, tot stand heeft kunnen komen.
Je zult de vaak humoristische manier van schrijven over bijzonder indrukwekkende gebeurtenissen waarderen. Ik heb daar van genoten. Ik heb veel van het boek glimlachend zitten lezen, bedenk ik me nu.
Bij het lezen van de epiloog had ik ondanks hetgeen ik hiervoor schreef, tranen in mijn ogen van ontroering, zo mooi was het !
Een boek waarvan ik kan zeggen: Graag gelezen !

vrijdag 24 oktober 2014

Herfst...

Woeste donkere wolken passeren in snel tempo het hemelgewelf. Met een duister enthousiasme laten ze hun slagregens op de aarde neerkomen, waarmee ze hun plezier in het tarten van de mensheid etaleren. De vrolijke zomerse zon, waarvan we deze keer tot ver in het najaar hebben kunnen genieten, heeft nu definitief het veld geruimd. Hij heeft plaats moeten maken voor een grauw en grijs weerbeeld. De wisseling van de seizoenen… Hoe gaan we ermee om?
De mogelijkheden om het huis te verlaten zijn niet optimaal. Weliswaar kunnen we ons in de auto naar een andere plaats begeven, maar de snel bewegende ruitenwissers kunnen niet voorkomen dat het zicht slecht is. Autorijden is geen pretje.
Een snelle wandeling om lekker frisse lucht in te ademen, is al helemaal geen optie.
Wat dan? Achter de televisie blijven hangen, een stuk of 20 kanalen afzappen maar niet iets interessants kunnen vinden en toch maar blijven kijken naar iets wat beweegt? Ook dat is niet bevredigend. Pas op! Voor we het weten neemt de herfst ons te grazen en vervallen we in een naargeestige melancholie.
Willen we dat? Nee, natuurlijk niet. Maak de herfst tot een prachtig natuurfenomeen waar je heerlijk van kunt genieten. Trek je jas aan, ga naar buiten, laat de wind door je haren wapperen. Met dit weer? Nee dat niet. Maar tussen de regenbuien door, gaat het natuurlijk wél.

Maar als je écht niet naar buiten kunt …, wat dan?
*** Je reist mee op een VOC-schip rond Kaap de Goede Hoop. Je hebt je in je kooi vastgesnoerd en slaat angsten uit om de storm die om je heen woedt. Geluid van krakend hout en vloekende matrozen die het schip in bedwang proberen te houden. Angstkreten, als de mast breekt, waardoor het scheepje roerloos is geworden en als een weerloos stukje brandhout is overgeleverd aan de woeste golven. Kom je hier ooit levend uit? ***
Wat is er nu heerlijker om “Koopman in de Gouden Eeuw” te lezen als de wind om je huis buldert en de hagelstenen dreigend tegen je ruiten aanslaan. De verwarming lekker aan, languit op de bank. Wat wil je nog meer?


“Koopman in de Gouden Eeuw”. Een aanrader voor het barre jaargetijde!

vrijdag 17 oktober 2014

Recensie van "Koopman in de Gouden Eeuw"

Onderstaand een recensie van “Koopman in de Gouden Eeuw” door schrijver/recensent M.P.O. Books. Meer recensies van hem zijn te vinden op zijn website www.mpobooks.nl
Natuurlijk ben ik in mijn nopjes met zijn evenwichtige beoordeling. Zijn puntje van kritiek begrijp ik.

In de zeventiende eeuw, terwijl de opstand tegen Spanje woedde, onderging de stad Amsterdam een opmerkelijke ontwikkeling. In die eeuw, die de Gouden Eeuw wordt genoemd, werd het huidige grachtenstelsel gegraven en bedrijfspanden gebouwd. Het was een periode van grote economische vooruitgang, waarin de Nederlanden zich ontwikkelden tot een wereldmacht. In “Koopman in de Gouden Eeuw” beschrijft Arie de Ruiter die periode aan de hand van drie generaties van de familie Van Ditselaer. Het begint met de generatie van Marnix van Ditselaer die een handel in graan tot een succes weet te maken. Uit zijn eerste huwelijk heeft hij zoon Egbert, de beoogde opvolger. Uit zijn tweede huwelijk worden twee zonen geboren.
Zoon Rogier gaat in dienst bij een molenaar met een houtzaagmolen in de Zaanstreek. Hij valt op door zijn ijver en vakkundigheid, waardoor hij een stapje hoger mag zetten door op een werf te gaan werken. Zijn broer heeft een andere passie. De flamboyante Coenraad wil kunstschilder worden. Hij weet zijn vader zover te krijgen dat hij in de leer en in de kost mag bij Zeger Pietersz, een redelijk bekende schilder in Amsterdam. Coenraad blijkt zo talentvol dat hij uiteindelijk zelfs les krijgt van de grote Pieter Lastman. In de liefde zitten de twee broers en halfbroer elkaar in het vaarwater. De mooie Anna van Schinkenveld wordt door hen alle drie begeerd, en zij kan met hen alle drie goed opschieten.
Het wordt een gearrangeerd huwelijk tussen Egbert en Anna, omdat hun ouders dat regelen en de twee zelf ervan overtuigd zijn dat dit de beste keuze is. Maar Egbert heeft andere intenties dan Anna denkt. Egbert van Ditselaer loopt eruit in zijn familie. Hij staat bekend om zijn grenzeloze ambitie, ten koste van anderen. Op jonge leeftijd heeft hij een gesprek van zijn vader afgeluisterd, waardoor hij weet dat hij het graanbedrijf later met zijn twee halfbroers zal moeten delen. Rogier en Coenraad zullen elk voor dertig procent mede-eigenaar worden, en dat zint Egbert totaal niet. Hij heeft er alles voor over om dat te voorkomen, desnoods ook moord. Zijn keuze voor Anna is een stap in zijn plan om zijn broers buiten spel te zetten.
“Koopman in de Gouden Eeuw” is een boeiende familiegeschiedenis van de Harderwijkse schrijver Arie de Ruiter. Hij zet mensen van vlees en bloed neer. Meestal komen de personages sympathiek over, maar het zijn ook mensen met fouten, mensen die verkeerde beslissingen nemen, met alle gevolgen van dien. Hoewel het verhaal af en toe kabbelt - onder andere omdat De Ruiter de familiegeschiedenis in het bredere perspectief van de landsgeschiedenis wil plaatsen - voel je als lezer wel aan dat de duistere bedoelingen van Egbert langzaam maar zeker voor problemen moeten zorgen. De familie valt beetje bij beetje uit elkaar.
Dit is zonder meer een interessant verhaal, dat bovendien knap en realistisch is geschreven. Het enige wat ik mis, is de zinderende climax. Er is wel een ontknoping, maar die is te tam vergeleken bij wat eraan vooraf is gegaan. Het verhaal vraagt om méér. Niettemin slaagt De Ruiter erin de lezer even in de waan te laten een reis terug in de tijd gemaakt te hebben. De Gouden Eeuw herleeft.

vrijdag 10 oktober 2014

Jeugdboek?

Onlangs werd opgemerkt dat “Koopman in de Gouden Eeuw” iets weg had van een ouderwets jongensboek. Een dergelijke opmerking had ik al eens eerder gehoord en toen was dat commentaar me behoorlijk in het verkeerde keelgat geschoten. Ik schrijf geen jongensboeken! Mijn romans zijn geschreven voor mensen in de leeftijd van 18 (dus al behoorlijk adolescent) tot 80 jaar. Uit alle leeftijdcategorieën heb ik lovende reacties gekregen. Ze omschrijven maatschappelijke situaties, met een mix van humor, religie, ernst en romantiek met als goed beschreven achtergrond de tijd waarin het verhaal zich afspeelt. Het zijn dus echt geen Pirate-of-the-Caribbean-achtige verhalen. Evenmin gaan ze over “ferme jongens, stoere knapen” of “jongens van Jan de Witt”. Andere oubollige vaderlandsliefde-bevorderende jeugdkreten zijn er evenmin in te vinden.
Het is me trouwens vaker opgevallen dat historische romans weleens gelijkgesteld worden aan jeugdboeken. In een commentaar op internet wordt ook “De getrouwde monnik” als een jeugdboek neergezet. Natuurlijk zullen er best wel tienerboeken met een historisch thema geschreven worden. Chapeau voor de mensen die dat kunnen. Een boek schrijven voor jeugdige lezers is geen sinecure! Maar dat betekent niet dat je alle geschiedkundige verhalen als jeugdwerk af kan doen. Daarmee doe je het genre tekort!
Overigens werd de opmerking van onlangs in de goede zin van het woord geplaatst. De persoon in kwestie doelde op de schrijfstijl die goed en helder was en de vlotte leesbaarheid van het boek. Als zestiger had hij het met erg veel plezier gelezen. “Koopman in de Gouden Eeuw” en “De getrouwde monnik” zijn dus romans voor volwassenen, die serieuze en ertoe doende onderwerpen aan de kaak stellen en desondanks lezen als een jeugdboek. Toch wel knap om zo te kunnen schrijven. Wie doet me na?

vrijdag 3 oktober 2014

Een enerverende ervaring

Tot mijn grote verrassing werd ik enige maanden geleden door radio Amsterdam FM uitgenodigd om in de boekenrubriek van het programma Kunst en Cultuur te komen praten over Koopman in de Gouden Eeuw. Natuurlijk was ik daar direct voor in. In no time was de afspraak gemaakt: vrijdag 26 september zou ik van 15.30 tot 16.00 uur life in de uitzending komen.
Uiteraard vergt een dergelijk optreden enige voorbereiding. Eerst moest ik mijn eigen roman nog maar eens een keer lezen, vond ik. Sinds die enkele jaren geleden op de markt kwam, heb ik alweer twee andere boeken geschreven, dus het “koopmanverhaal” moest eventjes weer “naar de oppervlakte worden gebracht”. Terwijl ik de aantekeningen, die ik destijds over de gouden eeuw maakte, weer eens doornam, voelde ik me opnieuw enthousiast worden over deze boeiende periode in onze Nederlandse geschiedenis.
Ruim op tijd meldde ik me op de vierde verdieping van de Openbare Bibliotheek Amsterdam, vanwaar het programma zou worden uitgezonden. Ik maakte kennis met Leo Willemse, die het gesprek met mij zou voeren en met Fabiola Veerman, die het programma presenteerde.
Eén minuut voor aanvang - ik zat al voor de microfoon - begon ik wat rillerig te worden. Om direct in een uitzending te moeten optreden, bleek opeens geen sinecure meer te zijn.
Ga ik het allemaal wel goed doen? vroeg ik me angstig af. Kom ik wel uit mijn woorden?
‘Je kunt nog terug, hoor,’ grapte Fabiola, maar daar wilde ik natuurlijk niet van weten.
En toen waren we zomaar life in de lucht. Op slag vergat ik mijn zenuwen en er ontstond een heel leuk gesprek. Veel te snel naar mijn zin was het afgelopen. Er was nog zoveel meer te vertellen… Bijna onmiddellijk na de uitzending kreeg ik al sms’jes met “wat leuk” en “wat interessant” e.d.
Voldaan reisde ik weer huiswaarts.
Mocht je de aflevering gemist hebben: die is op youtube te beluisteren via de link https://www.youtube.com/watch?v=yZXqlpPA90E